Militaire interventie? Eerst maar eens de VN hervormen

1 Comment

Is het een goed idee te interveniëren in Syrië? Zoals Armen Hakhverdian hier al heeft laten zien, verschillen onderzoekers sterk met elkaar van mening over de vraag of militaire interventies effectief zijn. Over één ding lijkt echter redelijk wat overeenstemming te bestaan. Als er dan zo nodig geïntervenieerd moet worden, dan wel graag met een breed internationaal mandaat. Zie hier één van de grootste problemen. De organisatie die bij uitstek de internationale gemeenschap representeert en een dergelijk mandaat tot stand kan brengen – de Verenigde Naties – is hoognodig aan een opknapbeurt toe. De VN is namelijk allesbehalve de supranationale instelling die ze zou willen zijn. Hier daarom drie hervormingsvoorstellen. Hoewel het voor de totstandkoming van een legitieme en effectieve VN volgens mij absoluut noodzakelijk is deze drie hervormingen door te voeren, realiseer ik me ook dat het bijna kinderlijk naïef is om te denken dat dit ooit zal gebeuren. Maar toch, hier gaan we:

1) De samenstelling van de Veiligheidsraad moet aangepast worden. De Veiligheidsraad is verantwoordelijk voor het bewaren van de internationale veiligheid en is één van de belangrijkste organen van de VN. De Raad bestaat uit vijf vaste leden – de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Rusland en China – en tien niet-permanente leden die telkens twee jaar lid zijn en daarna plaats moeten maken voor andere landen. Deze indeling is gebaseerd op de situatie van vlak na de Tweede Wereldoorlog en is 65 jaar na dato volledig achterhaald. Hoe kun je verdedigen dat er twee relatief kleine landen uit West-Europa zeer veel inspraak hebben, terwijl er geen enkel land uit Zuid-Amerika of Afrika een permanente zetel heeft? Waarom is Frankrijk wel lid en India niet? Een mogelijke oplossing is het aantal permanente leden uit te breiden met vijf staten, zodat er sprake is van een betere weerspiegeling van de huidige politieke en economische machtsbalans en een wijdere geografische spreiding. Je zou dan kunnen denken aan bijvoorbeeld Brazilië, Zuid-Afrika, Turkije, India en Japan.

2) Het ‘veto-probleem’ moet worden opgelost. De permanente leden van de Veiligheidsraad kunnen een veto kunnen uitspreken en hebben daarmee buitensporig veel invloed op de besluitvorming in de Raad. Een mooie illustratie van dit veto-probleem is dat de Veiligheidsraad tijdens de Vietnamoorlog volkomen was verlamd doordat de belangen van de VS en de Sovjet-Unie diametraal aan elkaar waren tegengesteld en ieder een veto uit kon spreken. Op dit moment zorgen China en Rusland ervoor dat de VN niet kan ingrijpen in Syrië. Een mogelijke oplossing voor het veto-probleem is de Veiligheidsraad te laten beslissen per meerderheid. De (hervormde) Veiligheidsraad kan dan pas knopen doorhakken wanneer bijvoorbeeld minimaal tweederde van de leden dat wil. Een enkel land kan dan nooit meer de gehele Raad in gijzeling nemen.

3) De zetelverdeling in de Algemene Vergadering moet worden aangepast. In de Algemene Vergadering krijgen kleine landjes evenveel invloed toebedeeld als grote landen, en hebben dictaturen evenveel inspraak als liberale democratieën. India (met meer dan een miljard inwoners) heeft evenveel invloed als IJsland (met minder dan 500.000 inwoners), en Frankrijk (liberale democratie) heeft evenveel zeggenschap als Zimbabwe (dictatuur). Met de omvang en het democratisch gehalte van de lidstaten wordt dus volstrekt geen rekening gehouden. Een sympathieke oplossing voor dit probleem is geformuleerd door de filosoof Peter Singer. Hij stelt voor lidstaten zetels toe te delen naar rato van het aantal inwoners. Deze zetels worden verdeeld door in iedere lidstaat democratische verkiezingen te organiseren waar de VN op toeziet. Als een lidstaat het toezicht van de VN weigert, zal zij genoegen moeten nemen met slechts één enkele zetel, ongeacht het aantal inwoners. Op deze manier wordt de Algemene Vergadering een soort wereldwijde volksvertegenwoordiging, en wordt er bovendien rekening gehouden met het democratisch gehalte van de lidstaten.

Mooie ideeën, toch? Nu alleen nog even de invloedrijke leden van de VN(-Veiligheidsraad) ervan overtuigen hun landsbelangen opzij te zetten en wat van hun macht in te leveren.

About the author

Matthijs Rooduijn
Matthijs Rooduijn is politiek socioloog en werkt als universitair docent bij de afdeling Sociologie van de Universiteit Utrecht. Hij doet onderzoek naar de oorzaken en gevolgen van de opkomst van populistische en radicale politieke partijen, kiesgedrag en publieke opinie.

Related Articles

1 Comment

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked (required)