Politiek in crisis door dalend aantal partijleden?

3 Comments

Politieke partijen vormen misschien wel de belangrijke schakel tussen burger en staat. Ze zorgen er namelijk voor dat de ideeën en belangen van burgers worden vertaald in uiteindelijke politieke besluitvorming (althans, dat zouden ze in ieder geval moeten doen). Veel mensen hebben het gevoel dat burgers zich in de afgelopen decennia echter steeds meer zijn gaan afkeren van partijen. Op het eerste gezicht lijkt dit gevoel niet uit het niets te komen. Er is de laatste decennia namelijk sprake van sterk teruglopende ledenaantallen van politieke partijen (zie hier voor Nederland). Dit zou er toe kunnen leiden dat op termijn ook het vertrouwen in de politiek in het algemeen erodeert.

Een recent onderzoek van de Vlaamse politicologen Marc Hooghe en Anna Kern (zie hier, paywall) toont echter aan dat deze zorg onterecht is. Zij hebben bekeken wat het effect is van partijlidmaatschap op het vertrouwen in de politiek in 20 Europese landen. Daarbij richtten ze zich op de periode tussen 2002 en 2010. Partijlidmaatschap hebben ze gemeten met de vraag of mensen lid zijn van een politieke partij, en de mate van politiek vertrouwen hebben ze vastgesteld door te kijken naar het vertrouwen in politici, het nationale parlement, en andere instituties. Uit hun analyses blijkt dat, hoewel het aantal partijleden inderdaad is afgenomen in deze periode (van 5 procent naar 4 procent), deze afname nauwelijks van invloed is op het vertrouwen in de politiek.

Je kunt je echter afvragen of kijken naar partijlidmaatschap de beste manier is om vast te stellen hoe sterk de binding is tussen burgers en partijen. Het aantal partijleden is namelijk zeer laag; meer dan 90 procent van de kiezers is nooit lid geweest van een partij. Hooghe en Kern richten zich daarom ook op een alternatieve manier om de band tussen burgers en partijen te meten. In het onderzoek is ook gevraagd of er een bepaalde politieke partij is waar respondenten zich meer verbonden mee voelen dan met andere partijen, en zo ja, hoe verbonden ze zich met deze partij voelen. Interessant genoeg blijkt dit gevoel van verbondenheid wél een behoorlijk sterk effect te hebben op de mate van politiek vertrouwen: mensen die zich verbonden voelen met een politieke partij hebben meer vertrouwen in de politiek. En bovendien is het gevoel van verbondenheid nauwelijks afgenomen in de laatste jaren; wat dit betreft is de verbondenheid tussen burgers en partijen behoorlijk stabiel over de tijd.

De resultaten van dit onderzoek impliceren dat de daling van het aantal partijleden niet betekent dat burgers zich massaal van de politiek afkeren. Een lidmaatschapskaart van een politieke partij is geen vereiste voor politieke betrokkenheid. Het gaat er eerder om hoe verbonden mensen zich voelen met politieke partijen. En over de mate van verbondenheid, zo toont het onderzoek aan, hoeven we ons voorlopig geen zorgen te maken.

About the author

Matthijs Rooduijn
Matthijs Rooduijn is politiek socioloog en werkt als universitair docent bij de afdeling Sociologie van de Universiteit Utrecht. Hij doet onderzoek naar de oorzaken en gevolgen van de opkomst van populistische en radicale politieke partijen, kiesgedrag en publieke opinie.

Related Articles

3 Comments

  1. Tom van der Meer
    Tom van der Meer

    Steeds meer publieke functies worden ingevuld door een steeds kleiner deel van de bevolking. Het is toch onzinnig dat voor een groot deel van de functies alleen actieve partijleden in aanmerking komen: zij vormen 0,25% van de bevolking.
    De tijdspanne, timing en metingen van Hooghe en Kern raken mijns inziens niet aan dat probleem, bovendien nog eens versterkt door causaliteitsproblemen. Dat je geen lid hoeft te zijn om toch een band te voelen met de partij; dat laat bijvoorbeeld de PVV al jaren zien.

  2. Tjark Reininga

    ik denk dat een belangrijke factor toch de rol van de massamedia is. want de meeste kiezers zullen beamen dat hun gebrek aan vertrouwen in ‘de politiek’ niet geldt voor de politici van hun eigen keuze. het zijn ‘de anderen’ die niet aan het belang van ‘de kiezers’ denken. politici voeden die houding door kiezers niet zozeer te mobiliseren op wat zij willen, maar tegen wat ‘die anderen’ willen. en de media berichten elk op hun eigen manier ‘objectief’ over die populistische uitingen. (of zouden de medewerkers van ‘de media’ toch ook hun eigen opvattingen en belangen in hun berichtgeving laten meespelen?)

  3. Matthijs Rooduijn
    Matthijs Rooduijn

    Het klopt natuurlijk dat het op z’n zachtst gezegd vrij maf is dat belangrijke bestuurlijke functies op bv ministeries alleen kunnen worden bekleed als je partijlid bent…
    Over het endogeiniteitsprobleem zeggen de auteurs dat het onwaarschijnlijk is dat mensen met veel politiek vertrouwen zich eerder aangetrokken zullen voelen tot één bepaalde partij. Maar je zou je inderdaad kunnen afvragen of dat wel zo onwaarschijnlijk is…

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked (required)