Het gelijk van Arjen Lubach: Politici in satirische programma’s

No Comment

Afgelopen vrijdagavond was Arjen Lubach te gast bij Jinek. Op de dag dat Donald Trump werd geïnaugureerd kreeg de cabaretier/presentator/schrijver/DJ even voor twaalven toch nog de kans het nieuwe seizoen van Zondag met Lubach te promoten. Prominent onderwerp van het gesprek werd het besluit om de komende weken geen politici uit te nodigen in ZML (zie hier vanaf 49:16).  In de afgelopen seizoenen was dit nog regelmatig wel het geval. Denk aan Pechtold die de Macarena danste of Roemer die grappen te verduren kreeg over zijn kapsel.

Het besluit geen politici meer uit te nodigen werd genomen om het reeds bestaande “idee dat [ze] allemaal linkse rakkers zijn” niet te bevestigen en evenwicht te bewaren in de gasten die worden ontvangen (liever niemand dan dat de balans uitslaat naar links). Bovendien wil Lubach “niet te vriendelijk worden met de mensen van wie je de poten onder de stoel aan het zagen bent.” Inderdaad hebben satirici een rol als waakhond van de democratie.

Wetenschappelijke studies geven Lubach bovendien gelijk: politici hebben er baat bij om aan te schuiven in satirische programma’s.

 

In de rij voor Letterman

De Verenigde Staten met haar grote aanbod aan komische Late Night Shows kent dit fenomeen al veel langer. John Edwards heeft zelfs zijn eigen kandidatuur voor het presidentschap bekend gemaakt in The Daily Show. Aangezien politici in de rij stonden om geïnterviewd te worden door David Letterman en tegenwoordig in de rij staan bij onder anderen Jimmy Fallon, lijkt de conclusie gerechtvaardigd dat dit een positief effect heeft op het beeld dat burgers hebben van de politici die in deze shows te gast zijn. Immers, is iemand die zichzelf met een korreltje zout neemt niet veel menselijker dan iemand die louter serieuze kanten van zichzelf laat zien?

Twee studies vergelijken hoe mensen reageren op politici in satirische shows. Ze onderzoeken hoe mensen reageren op satirici die grappen maken over politici zonder dat deze zelf aanwezig zijn ten opzichte van wanneer de grappen gemaakt worden in het bijzijn van en in samenwerking met de politicus. Oftewel “Other-Disparaging” versus “Self-Deprecating Humor,” maakt het nu uit of iemand anders de grap maakt of jijzelf?

 

Wie maakt de grap?

Een experiment uit 2009 laat zien dat wanneer mensen werden blootgesteld aan een satire van Stephen Colbert op de campagne van John McCain mensen veel negatiever gingen denken over deze politicus. Zelfs nog negatiever dan dan na het zien van vijf zogenaamde “attack ads” geproduceerd door de Democraten. Satire lijkt daarmee een sterkere negatieve invloed te hebben dan bewust gecreëerde reclames die het imago van een politicus zouden moeten schaden.

Als we daarentegen kijken naar het effect van blootstelling aan een optreden van John McCain in Saturday Night Live waarin hij grappen maakt over zijn eigen campagne dan zien we dat dit negatieve effect niet optreedt. De groep mensen die de politicus in de komische show zien denkt positiever over McCain dan de groep die de satire van Stephen Colbert zag, en net zo positief als een groep proefpersonen die werden blootgesteld aan een neutraal nieuwsitem over McCains campagne. Overigens waren deze effecten vergelijkbaar voor Democraten en Republikeinen. De laatste groep reageerde hetzelfde op de grappen over “hun” presidentskandidaat als de mensen voor wie McCain de tegenstander zou zijn.

 

Zelfspot wekt sympathie

Een meer recent experiment uitgevoerd in 2013 vond vergelijkbare resultaten (). In dit geval werd vergeleken hoe mensen reageerden op (a) een fragment uit de Late Show with David Letterman waarin grappen werden gemaakt over het gewicht van Republikeins politicus Chris Christie ten opzichte van (b) een fragment waarin Christie zelf bij de show aanschuift en onder andere een donut uit zijn zak haalt en mompelt dat hij “didn’t know this [the interview] was going to be this long.” De resultaten tonen dat mensen die de video zagen waarin Christie zelf de grappen maakte veel positiever over hem oordeelden en ook de kans hoger inschatten om op hem te stemmen, zowel ten opzichte van de video waarin er grappen werden gemaakt óver Christie als ook ten opzichte van mensen die helemaal geen video zagen.

Deze resultaten bevestigen dat de strategie van politici om in deze programma’s te gaan zitten werkt. De eerste studie toont dat het geen schade lijkt te berokkenen aan de betrokken politicus, terwijl dat wel zo is als de politicus niet aanschuift. De tweede studie demonstreert dat dit zelfs een boost kan geven aan het imago van een politicus.

 

Het gelijk van Zondag Met Lubach

Met deze kennis in het achterhoofd lijkt het besluit van Lubach en zijn team de juiste wanneer het doel is om de politieke balans van het programma te bewaren. Van de andere kant dringt de vraag zich op waarom politici anders dan die van de linkerkant van het politieke spectrum zich nog niet bij hem durven te vertonen.

 

Afbeelding: Barack Obama on the Daily Show July 21, 2015.jpg door Pete Souza.

About the author

Mark Boukes
Mark Boukes (@markboukes) is communicatiewetenschapper aan de Universiteit van Amsterdam (PhD, 2015) op het gebied van Politieke en Corporate Communicatie. Hij doet onderzoek naar journalistiek, media effecten, en in het bijzonder die van infotainmentgenres zoals bijvoorbeeld satire.

Related Articles

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked (required)