Wat vinden de Grieken van de EU en de euro?

2 Comments

Vanmorgen is bekend geworden dat Griekenland en de andere eurolanden een akkoord hebben bereikt over een noodpakket. Daarbij lijken we al bijna vergeten te zijn dat de Grieken vorige week massaal “oxi” (nee) hebben gestemd bij het referendum over de door de EU geëiste bezuinigingen. Wat betekende die uitslag nu? Vrijwel iedereen lijkt daar een andere interpretatie aan te geven. Volgens de één was het een rigoureuze verwerping van het eurolidmaatschap of zelfs de hele EU. Volgens de ander wilden de Grieken juist graag de euro houden en moet de uitslag van het referendum geïnterpreteerd worden als een smeekbede aan de EU-onderhandelaars om de Grieken wat meer lucht te geven.

Wie heeft er nu gelijk? Dat is (nog) niet te zeggen. Wel kan publieke opinieonderzoek ons helpen een stapje verder te komen. Wat vinden de Grieken van de EU? En hoe hebben hun opvattingen zich in de afgelopen jaren ontwikkeld?

Vorig jaar hebben Ben Clements, Kyriaki Nanou en Susannah Verney een artikel gepubliceerd waarin ze op basis van gegevens van de Eurobarometer (opiniepeilingen uitgevoerd door de Europese Commissie) op die vragen ingaan. Een voordeel van de Eurobarometer is dat het is gebaseerd op een representatieve steekproef van de (Griekse) bevolking en het een langlopend onderzoek is. Een nadeel is dat de meest recente ontwikkelingen niet kunnen worden meegenomen omdat de resultaten nog niet bekend zijn. Hieronder de belangrijkste conclusies van het onderzoek op een rijtje:

  • In de jaren voordat de economische crisis uitbrak waren mensen in Griekenland zeer positief over de EU. Sinds de crisis zijn de opvattingen van de Grieken drastisch omgeslagen.
    • In november 2009 had 14% van de mensen een negatief beeld van de EU. In november 2013 was dat opgelopen tot 54%.
    • In 2009 had 38% geen vertrouwen in de EU; in 2013 was dat 77%.
    • In 2009 vond 31% dat het met de EU de verkeerde kant op ging; in 2013 was dat toegenomen tot 72%.
  • Dit betekent echter niet dat een meerderheid van de Grieken de EU afwijst.
    • Hoewel in 2011 33% van de Grieken lidmaatschap van de EU een slecht idee vond, en de Griekse kiezer daarmee het negatiefst over de EU was van alle lidstaten, vond 38% lidmaatschap nog steeds een goede zaak.
    • In 2013 was 62% van de Grieken voorstander van de euro, terwijl het gemiddelde in de EMU lag op maar 52%.
  • Lageropgeleiden, jongeren, en mensen die weinig vertrouwen hebben in nationale politieke instituties zijn eerder geneigd Eurosceptisch te zijn dan hogeropgeleiden, ouderen en mensen met veel vertrouwen.

Dus: de meeste mensen zijn hun vertrouwen in de EU voor een groot gedeelte verloren en vinden dat het de verkeerde kant op gaat, maar willen toch graag binnen de eurozone blijven. Dit lijkt te rijmen met de uitslag van het referendum en de grote steun voor de linksradicale regeringspartij Syriza. Volgens de auteurs van het artikel kan de houding van de Grieken tegenover de EU worden samengevat met de zin: “We no longer love you, but we don’t want to leave you”.

Het is aan Griekse politici (en dan met name Syriza-leider Tsipras) om deze opvatting te representeren in Brussel. Maar hij zou niet de enige moeten zijn die rekening houdt met de Griekse kiezer. Ook voor de andere betrokkenen in het onderhandelingsproces – zoals regeringsleiders, ministers van financiën en Europese Commissie – zou het verstandig zijn rekening te houden met de Griekse publieke opinie. Vooralsnog lijkt dit nauwelijks te gebeuren. Dat is aan de ene kant begrijpelijk. De andere EU-landen zijn de onderhandelingstactiek van de Griekse regering meer dan zat en hoeven zich formeel bovendien niets gelegen te laten liggen aan het Griekse “oxi”. Toch zou het wel eens kunnen dat ze zich met deze opstelling uiteindelijk in de vingers snijden. Het is niet gek dat de Grieken na alle ellende de Griekse gevestigde politieke partijen electoraal hebben afgestraft en nu de EU om een adempauze vragen. Zij associëren de EU inmiddels vooral met “Brusselse dictaten”, bezuinigingen en verlies aan soevereiniteit. De huidige (weinig meelevende) opstelling van de Europese Commissie en de overige Europese regeringen bevestigt hun idee dat er in Europa helemaal geen rekening wordt gehouden met wat Europese burgers belangrijk vinden. Dat zou uiteindelijk nog wel eens tot alleen maar meer Euroscepsis kunnen leiden. Niet alleen in Griekenland, maar ook in andere EU- lidstaten.

 

About the author

Matthijs Rooduijn
Matthijs Rooduijn is politiek socioloog en werkt als universitair docent bij de afdeling Sociologie van de Universiteit Utrecht. Hij doet onderzoek naar de oorzaken en gevolgen van de opkomst van populistische en radicale politieke partijen, kiesgedrag en publieke opinie.

Related Articles

2 Comments

  1. Kristof Jacobs
    Kristof

    Dank voor het stuk, het is goed deze zaken op een rijtje te zetten. Wat betreft de conclusie, voor de regeringsleiders lijkt euroscepsis wel het minste van hun zorgen. Bovendien zou je kunnen zeggen dat Griekenland tegemoet treden weer de euroscepsis in andere landen vergroot. Hier valt weinig te winnen, vrees ik…

  2. Kristof Jacobs
    Kristof

    Dank voor het stuk, het is goed deze zaken op een rijtje te zetten. Wat betreft de conclusie, voor de regeringsleiders lijkt euroscepsis wel het minste van hun zorgen. Bovendien zou je kunnen zeggen dat Griekenland tegemoet treden weer de euroscepsis in andere landen vergroot. Hier valt weinig te winnen, vrees ik…

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked (required)