• Spring naar de hoofdnavigatie
  • Door naar de hoofd inhoud
  • Spring naar de eerste sidebar
StukRoodVlees

Politicologie en actualiteit

  • OVER SRV
  • AUTEURS
  • CATEGORIEËN
  • ARCHIEF
  • CONTACT

Is de versplintering van gemeenteraden in 2026 inderdaad gedaald?

door Simon Otjes, Henk van der Kolk 27/03/2026

Kort nadat de uitslagen van gemeenteraadsverkiezingen van 2026 bekend werden, schreef de NRC dat de versplintering in gemeenteraden iets was afgenomen. Daarbij keek de krant, voortbouwend op onderzoek van de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden, naar het aantal fracties in de net gekozen raden. Als die observatie klopt, is een jarenlange trend doorbroken, want zoals we eerder lieten zien is het gemiddelde aantal partijen in de afgelopen jaren alleen maar gestegen, vooral in de grootste gemeenten. En niet alleen het aantal fracties nam toe, ook andere aspecten van versplintering lieten een voortdurend stijgende lijn zien. Wat niet in de krant stond was de voor de hand liggende reden voor deze (kleine) daling. En als we daar rekening mee houden, lijkt het er niet op dat er iets fundamenteels is gewijzigd.

Het aantal fracties daalt inderdaad …

Eerst maar even de berekeningen van de NRC. De simpelste indicator voor versplintering of fragmentatie is het aantal fracties in een gemeenteraad. In discussies wordt dit aspect van fragmentatie vaak gekoppeld aan de ellenlange zichzelf herhalende raadsvergaderingen. Gebruikmakend van dezelfde data van het ANP blijkt de observatie van de NRC inderdaad te kloppen. Het gemiddelde aantal fracties daalde van gemiddeld 8 bij de verkiezingen van 2022 naar 7.8 in 2026. Die daling is weergegeven in figuur 1.

De daling is ook goed te zien als we alle veranderingen tussen 2022 en 2026 weergeven met een verschilscore. Het is duidelijk dat meeste gemeenten een daling van het aantal partijen laten zien.

… en ook het aantal eenpersoonsfracties is gedaald

Op basis van dezelfde ANP-gegevens die het NRC gebruikte om te constateren dat de versplintering was gedaald, werd in die krant geconstateerd dat het aantal eenpersoonsfracties fors was toegenomen. Maar dat klopt niet. Net als het aantal fracties is ook het aantal éénpitters heel licht afgenomen: gemiddeld zaten er in 2026 nét iets minder eenmansfracties in een raad dan in 2022. De oorzaak van deze vergissing is simpel. Het ANP wilde voorkomen dat de fusie van GroenLinks en PvdA (en in iets mindere mate nieuwe samenwerkingen tussen andere landelijke partijen) tot rare vergelijkingen zouden leiden en heeft daarom de uitslagen van 2022 herberekend op basis van de stand van de samenwerking in 2026. Daarom lijken er in 2022 minder eenpersoonsfracties en is het aantal eenpersoonsfracties tussen 2022 en 2026 alleen maar schijnbaar fors toegenomen.

De omvang van de grootste fractie in de raad wordt niet kleiner

Een derde aspect van versplintering is de grootte van grootste fractie. Hoe groter die grootste fractie is, hoe simpeler machtsvorming. Zeker als die fractie meer dan de helft van de zetels heeft. Maar dat komt niet vaak voor. De enige gemeenten waar dit het geval was Reusel-De Mierden, waar Samenwerking Reusel-De Mierden (SRDM) met 2891 stemmen 8 zetels haalde in een raad van 15 zetels.

Als een fractie net geen meerderheid haalt, heeft ze vaak maar één andere partij nodig om een meerderheid te vormen. Of alle andere fracties kunnen zich tegen de dominante fractie verenigen. In beide gevallen is coalitievorming relatief makkelijk. In tien gemeenten haalde grootste fractie meer dan 45% van zetels (maar dus geen absolute meerderheid). De kleinste grote fractie is te vinden in Vlissingen, gevolgd door Weststellingwerf, Roosendaal, Weststellingwerf en Almelo. Daar is coalitievorming dus waarschijnlijk juist lastiger.

Deze derde indicatie van versplintering is ook iets toegenomen van 27.6% van de raadszetels naar 28.3%.

Meerderheidscoalities kunnen iets minder groot zijn in 2026

We kunnen in de vierde plaats versplintering ook zien als het minimale aantal partijen dat nodig is voor een meerderheid in de gemeenteraad: hoe groter de versplintering van de raad, des te meer partijen nodig zijn voor een meerderheid. In 2022 was de minimumcoalitiegrootte gemiddeld 2.8 partijen. Er waren met andere woorden gemiddeld 2.8 partijen nodig om een meerderheid te krijgen en dus een college te vormen. In 2026 was dat een fractie lager: 2.7. Het minimumaantal was natuurlijk het al eerdergenoemde Reusel-De Mierden. Daar is immers maar waar één partij nodig voor een meerderheid. In vier gemeenten (Vlissingen, Almere, Lelystad en Maastricht) is de minimummeerderheidscoalitiegrootte vijf partijen. De rest van de gemeenten zit daar ergens tussenin.

En het effectief aantal politieke partijen daalt ook

De laatste maat is het effectief aantal partijen. Deze maat combineert verschillende aspecten van fragmentatie: het aantal fracties, maar ook hun relatieve grootte. Een lage score geeft aan dat er weinig partijen zijn en dat deze relatief groot zijn. Een hogere score geeft aan dat er meer fracties zijn, maar ook dat deze fracties relatief klein zijn. In 2022 was de gemiddelde score van het effectieve aantal partijen 6. In 2026 was het net iets lager: 5.75.

De laagste score vinden we in Hilvarenbeek. Daar zijn drie fracties: de VVD met 8 zetels, HOI werkt met 7 zetels en CDA met 2. Dat levert een score op van 2.47. Het is effectief een twee-en-half-partijenstelsel. Ook Rozendaal en Reusel-De Mierden scoren laag. In Maastricht en is het aantal effectieve partijen in 2026 het hoogst. Daarmee lost het Almere af als koploper effectieve versplintering.

Die daling van de fragmentatie heeft een voor de hand liggende reden

Voor de daling in fragmentatie in 2026 is een heel simpele reden. In 2022 deden GroenLinks en Partij van de Arbeid in de meeste gemeenten nog apart mee aan de verkiezingen: de PvdA in 239 en GroenLinks in 188 gemeenten. Er waren daarnaast in 2022 45 gecombineerde lijsten van GroenLinks en PvdA. In 2026 is dat sterk veranderd. Er waren in dat jaar in 222 gemeenten gecombineerde GroenLinks en de Partij van de Arbeid lijsten. GroenLinks deed zelfstandig mee in 22 gemeenten en de PvdA in 38. In sommige gemeenten zoals Amsterdam en Nijmegen deden ze zelfs apart mee.

Gemiddeld deed in gemeente in 2022 1.4 lijst mee van GroenLinks en/of PvdA, in 2026 was dat 0.8. Daarmee is de vorming van GroenLinks/PvdA dus goed voor een afname van meer dan een halve partij per gemeente (0.56 om precies te zijn). Als GroenLinks/PvdA in alle gemeenten waar ze in 2022 nog apart meededen dat ook in 2026 zouden hebben gedaan, waren er 8.3 partijen per gemeenten geweest. En dat betekent een toename ten opzichte van 2022.

Ook de andere indicaties van versplintering blijken vooral te dalen door die fusie van GroenLinks en de PvdA. Als bijvoorbeeld GroenLinks/PvdA in alle gemeenten waar ze in 2026 feitelijk al waren gefuseerd, nog een keer apart waren opgetrokken, waren er 2.1 éénpitters per gemeenten geweest (een toename). En als GroenLinks/PvdA in alle gemeenten waar ze in 2026 samen meededen en in 2022 dat niet deden, apart waren opgetrokken was het effectief aantal partijen 6.1 geweest (ook een toename dus).

Grotere gemeenten

Omdat de daling van het aantal zetels voor het grootste deel op het conto kan worden geschreven van de fusie tussen GroenLinks en de PvdA, is die daling in het aantal fracties niet overal even groot. In de kleinste gemeenten deden GroenLinks en de PvdA niet apart mee. In de middelgrote gemeenten waren ze relatief vaak al samen. Fusies vonden vooral plaats in gemeenten waar ze apart mee deden en dat waren de wat grotere gemeenten. Dat is weergegeven in figuur 3.

Het gevolg daarvan is dat de versplintering die we hiervoor zagen, iets meer daalt in de iets grotere gemeenten. Maar dat verschil is zo klein, dat het lastig is te vangen in een enkele figuur.

Conclusie

2026 was een bijzonder jaar omdat de trend naar grotere versplintering enigszins leek gekeerd: iets minder partijen, iets minder éénpitters, iets grotere grootste fracties en een iets lager aantal ‘effectief aantal partijen’. Maar nadere analyse laat zien dat deze trendbreuk volledig is toe te schrijven aan de vorming van GroenLinks-PvdA. Een fusieproces dat zich relatief vaak afspeelde in de wat grotere gemeenten. Zonder die fusie zou de versplintering van gemeenteraden in 2026 groter geweest dan in 2022. Bij die voortgezette trend speelden bijvoorbeeld de toegenomen deelname van Forum voor Democratie en in mindere mate de deelname van de BBB en JA21 een rol. De bijdrage van ‘links’ aan de afgenomen versplintering werd dus tegengewerkt door verdere versplintering door ‘rechts’.

Noot:

De data voor de periode 1946-1982 is onvolledige met name in Noord-Brabant, Overijssel en Limburg.

Categorie: Lokale politiek Tags: eenpersoonsfractie, gemeenteraad, gemeenteraadsverkiezingen, verkiezingen, versplintering

Over de auteurs

Simon Otjes
Universitair hoofddocent Nederlandse Politiek bij de Universiteit Leiden. Zijn onderzoek richt zich op de rol van politieke partijen in Nederland, op het lokale en het Europese niveau.
Website: http://www.simonotjes.nl
  • Sociale media links 
Henk van der Kolk
Henk van der Kolk is universitair hoofddocent aan de Universiteit Twente en bijzonder hoogleraar Electorale Politiek, in het bijzonder kiesstelsels en lokale verkiezingen aan de Universiteit van Amsterdam (UvA). Hij heeft diverse publicaties op zijn naam staan over kiesstelsels, kiesgedrag en de rol van lokale politiek in Nederland. van der Kolk richt zich zowel op fundamenteel onderzoek als op de praktische implicaties ervan voor beleidsmakers, zoals het ontwerp en de inrichting van verkiezingen.
Website: https://www.utwente.nl/bms/pa/staff/kolk/
  • Sociale media links 

Primaire Sidebar

Volg ons

  • Facebook
  • Twitter
  • RSS Feed

Populaire berichten

De ideologie van Forum voor Democratie

De ongemakkelijke realiteit van de antivaccinatie-beweging

Wat als… Nederland het Britse kiesstelsel zou hebben?

Willekeurige berichten

Welke morele intuïties gaan er schuil achter de anti-immigratiestandpunten van PVV-kiezers?

Rutte: landsbelang boven kiezersbelang?

Worden slachtoffers van overstromingen meer bezorgd over klimaatverandering?

Podcast

Aflevering 138 – De verkiezingsuitslag, met Twan Huijsmans en Tom van der Meer

De Tweede Kamerverkiezingen zijn uitgelopen op een eclatante overwinning van D66 dat met maar liefst … [Lees verder...]

Aflevering 138 – Coalities, kiezers en winst en verlies, met Simon Otjes

Simon Otjes (Universiteit Leiden) schuift aan om te praten over de huidige stand van de campagne. We … [Lees verder...]

Aflevering 137 – De normalisering van extreemrechts gedachtegoed, met Léonie de Jonge

Extreemrechtse ideeën zijn de afgelopen jaren in hoog tempo genormaliseerd. Ik spreek met mijn gast … [Lees verder...]

Populisme

Jesse Frederik gaat te kort door de bocht: Waarom complexe maatschappelijke onvrede niet in één verklaring past

Vorige week verscheen op De Correspondent een stuk waarin Jesse Frederik mijn boek De Symfonie van … [Lees verder...]

Plaatjes van de electoraatjes 2025: de PVV

Op 29 oktober zijn er verkiezingen voor de Tweede Kamer. In deze serie gaan wij aan de hand van een … [Lees verder...]

Radicale onderdompeling: een theaterexperiment op Oerol

De Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) signaleerde begin deze week dat … [Lees verder...]

Blogroll

  • Andrew Gelman
  • Ballots & Bullets
  • Fight Entropy
  • FiveThirtyEight
  • The Monkey Cage
  • The Upshot
  • Wonkblog
  • OVER SRV
  • AUTEURS
  • CATEGORIEËN
  • ARCHIEF
  • CONTACT

© 2026 StukRoodVlees

Copyright © 2026 · SRV Theme op Genesis Framework · WordPress · Log in