Dinsdag verscheen het nieuwste rapport van V-Dem, de beste academische monitor van de staat van de democratie wereldwijd. Het onderzoek van V-Dem is gebaseerd op het werk van duizenden experts die landen langs tientallen democratische meetlatten leggen.
Al jarenlang laat het onderzoek van V-Dem zien dat de democratie wereldwijd onder druk staat, door democratisch verkozen leiders die de democratische spelregels van binnenuit oprekken, die tegenmachten uitschakelen, en die uiteindelijk de democratie zelf ondergeschikt maken aan hun eigen gelijk. Denk aan Hongarije dat onder Orbán afgleed van een liberale democratie (denk aan: vrije en eerlijke verkiezingen met een stevige rechtsstaat en burgerrechten) naar een electorale democratie (wel vrije en eerlijke verkiezingen, maar niet langer gedragen door een onafhankelijke rechtsstaat), en in 2017 zelfs naar een electorale autocratie (waarin zelfs van een gelijk speelveld op verkiezingsdag geen sprake meer is). Naast Hongarije zijn er meer voorbeelden: India onder Modi, Turkije onder Erdogan, Polen onder PIS.
Ook in 2025 stond de democratie wereldwijd onder druk. Het aantal landen dat autocratiseerde was opnieuw hoger dan het aantal landen dat democratischer werd.

Verval van de Amerikaanse democratie
Maar wat vooral opviel, zijn de conclusies over de VS. Volgens het onderzoek van V-Dem functioneert de VS niet langer als een liberale democratie. Niet alleen de classificatie, maar ook het oordeel van de auteurs over de Verenigde Staten is vernietigend.
The scale and speed of autocratization under the Trump administration are unprecedented in modern times. Within one year, the USA’s LDI score has declined by 24%; its world rank dropped from 20th to 51st place out of 179 nations. The level of democracy on the LDI is dwindling to 1965 level – the year that most regard as the start of a real, modern democracy in the USA.

Trump volgt het bekende schema van democratische erosie, naar voorbeeld van Orbáns Hongarije en de plannen van Project2025. Zijn regering neemt te veel macht in handen, onder andere door verregaande toepassingen van decreten. De voornaamste tegenmacht – het Congres – wordt in meerderheid bevolkt door Trumps partijgenoten. En zij zijn van harte bereid om weg te kijken van hun institutionele verantwoordelijkheden, en daarmee de scheiding der machten te verzwakken. Trump ondermijnt zelf andere tegenmachten aan: onafhankelijke rechters, functionarissen, vrije media, en universiteiten.
Dit alles volgt het boekje van de autocratiserende leiders, maar dan in een razendsnel tempo. V-Dem beschrijft dat geen land in de nu al bijna twintig jaar durende autocratiseringsgolf zo snel is gekelderd als in het eerste jaar van Trumps tweede termijn.
Dat komt niet uit het luchtledige. De Amerikaanse democratie lijdt al jaren aan betonrot. De polarisatie tussen de twee grote partijen en hun achterbannen is enorm, en staat samenwerking en compromis in de weg. De ander is niet slechts een rivaal, maar ronduit de vijand. Het Amerikaanse kiesstelsel is niet bestand tegen zo’n enorme polarisatie. Het systeem legt de macht van de meerderheid in de handen van een enkele minderheid, die daarmee in staat én bereid is om de democratie ondergeschikt te maken aan het eigen gelijk. Trump en zijn ondermijning van de democratie zijn voor zijn achterban te billijken, omdat in hun visie het alternatief – een Democratisch bestuur – nog gevaarlijker zou zijn. De polarisatie ondermijnde ook de tegenmachten. Amerika had altijd al te maken met een gepolitiseerde rechtspraak en politiek opportunistisch vastgestelde regels rond verkiezingen (zoals gerrymandering, het trekken van grenzen tussen kiesdistricten om de verkiezing van de eigen kandidaten veilig te stellen). Maar onder de enorme polarisatie heeft die politisering extreme vormen aangenomen.
Het is twijfelachtig dat de Verenigde Staten de komende jaren zullen herstellen van de snelheid waarmee tegenmachten zijn ontmanteld, zelfs als in november de Republikeinen hun meerderheid in het parlement zouden verliezen of als in 2028 een andere leider wordt verkozen. De erfenis van het Republikeinse radicalisme zal nog decennia gevoeld worden, met radicale politieke benoemingen, verdwenen democratische vangrails, en een nog verdere verharding van het politieke discours. Natuurlijk, democratieën zijn in staat om zichzelf opnieuw uit te vinden. Ook na een periode van democratische erosie kan de democratie terug knokken. Maar zoals recente ervaringen in Polen laten zien, is zo’n U-bocht bijzonder onzeker. En dat is nog het gunstigste scenario.
En Nederland dan?
Nederland is al vijftig jaar een liberale democratie in de kwalificatie van V-Dem. Maar ook hier is waakzaamheid geboden. In 2024 kwam Nederland in de buurt van de gevarenzone van landen met een autocratiserende tendensen. Dat was het jaar dat de regering-Schoof met coalitiepartijen PVV, VVD en BBB voorstelde noodrecht in te zetten om rechters en parlement buitenspel te zetten bij asielbeleid. In de coderingen van 2025 is niet veel veranderd, maar is Nederland marginaal wegbewogen van die gevarenzone. Er is geen reden om te juichen. 2025 was ook het jaar waarin een meerderheid van de Tweede Kamer de motie aannam die Antifa bestempelde als terroristische organisatie. Het jaar waarin het demonstratierecht politiek onder druk staat. En opnieuw een jaar waarin politiek geweld en de dreiging ervan direct zichtbaar waren.
Nederland zal de VS niet snel volgen, alleen al omdat het evenredige kiesstelsel afdwingt dat geen enkele minderheid in zijn eentje de macht zal vergaren. We zullen in dit land altijd moeten samenwerken. Maar ook hier blijkt de waardering voor tegenmachten niet vanzelfsprekend.
