De afgelopen tijd is er veel aandacht in de media geweest voor het al dan niet vermeende ronselen en kopen van volmachtstemmen door leden en partners van Groep de Mos bij de Haagse gemeenteraadsverkiezingen in 2018. Hoewel onderzoek door Justitie zal moeten vaststellen wat er precies is gebeurd, hebben de verdenkingen betrekking op onregelmatigheden bij volmachtverlening via het invullen van de achterzijde van de stempassen. Als het gedeelte voor de gegevens van de gemachtigde niet is ingevuld bij het afstaan van de stempas, zoals wel de bedoeling is, kan de koper of ronselaar dit naderhand zelf invullen en zo bepalen door wie de volmacht wordt uitgebracht. Dit lijkt het meest voor de hand liggende scenario, omdat elke kiezer maximaal twee volmachten tegelijk met de eigen stem mag uitbrengen, zodat het uitbrengen van grote aantallen gekochte of geronselde volmachten enige organisatie vergt. Dan is het wel zo handig wanneer de gegevens van de gemachtigde achteraf kunnen worden ingevuld.

Kopen of ronselen

De bewijsvoering bij het kopen van stemmen is relatief eenvoudig door een heldere delictsomschrijving.  De Kieswet kent namelijk een strafbepaling voor ‘degene die bij een verkiezing door gift of belofte een kiezer omkoopt om volmacht te geven tot het uitbrengen van zijn stem’. Kopen van stemmen valt kortom niet goed te praten.

De bepaling tegen het ronselen van volmachten is daarentegen veel minder duidelijk en de bewijsvoering daarom veel moeilijker. De Kieswet stelt strafbaar ‘degene die stelselmatig personen aanspreekt of anderszins persoonlijk benadert ten einde hen te bewegen het formulier op hun stempas, bestemd voor het stemmen bij volmacht, te ondertekenen en deze pas af te geven’. Deze delictsomschrijving was in 1989 in de Kieswet gekomen om een zeer specifieke vorm van ronselen tegen te gaan, namelijk het stelselmatig langs de deur gaan om kiezers te vragen een onderhandse volmacht af te geven. In 1992 werd daar ‘of anderszins’ aan toegevoegd om het persoonlijk schriftelijk ronselen tegen te gaan. In de praktijk levert de zinsnede ‘stelselmatig personen aanspreekt’ zodanige interpretatieproblemen op, dat veel zaken worden geseponeerd. (Uitgebreider). De delictsomschrijving laat bijvoorbeeld het incidenteel aanspreken van een groep kiezers toe. En bij welke frequentie is er sprake van persoonlijk stelmatig aanspreken?

Waarom zo vaag?

Waarom blijft de definitie van ronselen ongewijzigd en wordt die niet vervangen door een bepaling in de trant van: Het is niet toegestaan om aan kiezers een volmacht te vragen. Daarmee komt het initiatief tot het verlenen van een volmacht daar te liggen waar hij hoort, namelijk bij de kiesgerechtigde die niet in staat is om zelf naar het stembureau te gaan.

Een belangrijke reden is dat politieke partijen graag een bemiddelende functie behouden tussen leden of sympathisanten die niet kunnen stemmen en leden of sympathisanten die bereid zijn voor hen te stemmen. Een partij kan dan als een bemiddelaar tussen volmachtgevers en gemachtigden optreden. Ze hoeft daarvoor niet actief naar kiezers op jacht te gaan. Een mededeling op de website van de partij, in de krant of op Facebook waarin wordt gewezen op de bemiddelende rol die een partij kan spelen bij het vinden van een gemachtigde volstaat, zolang die bemiddeling niet als ronselen kan worden opgevat. Vandaar dat in de delictsomschrijving stelselmatig personen aanspreken werd opgenomen.

Hierdoor ontstond echter een grijs gebied. Een groep toespreken mist bijvoorbeeld het persoonlijke element en een, twee of drie kiezers in een week tijd aanspreken is niet bepaald stelselmatig.

Geringe veroordelingskans

Zolang men niet deur aan deur om volmachten vraagt of een administratie beheert van ingeleverde stempassen is de kans op een veroordeling wegens ronselen tamelijk gering. In 2015 adviseerde de Kiesraad daarom de delictsomschrijving aan te scherpen. Bij de evaluatie van de verkiezingen in 2019 kondigde de minister van BZK een aanscherping van de delictsomschrijving aan. Deze zou voor de eilandsraadsverkiezingen van 2023 zijn beslag moeten krijgen. Hopelijk wordt het dan duidelijker wat wel en wat niet mag bij het verlenen van een volmacht.