Er is momenteel weer sprake van een ware woninghausse. Woningprijzen stijgen snel, en de scherpe prijsdalingen van nog maar een paar jaar terug lijken alweer ver achter ons te liggen. Woningbezitters rekenen zich weer rijk: Er kan flink verdiend worden met verkoop. Starters zonder een flinke zak geld komen er daarentegen moeilijk tussen.

Hieruit blijkt dat woningen niet alleen als onderdak dienen, maar ook als investeringsobject. Voor veel Nederlanders is de eigen woning het duurste bezit, en de hypotheek verreweg de grootste schuld. Mensen kopen een woning om er vermogen mee op te bouwen. Door de hypotheek af te betalen, maar ook door te gokken op waardevermeerdering.

De woningmarkt is een cruciale motor achter de grote vermogensongelijkheid in Nederland. Tussen kopers en huurders, maar ook tussen kopers onderling. Heb je op het goede of verkeerde moment gekocht? En heb je dit op de goede of verkeerde plek gedaan? Prijsstijgingen en -dalingen zijn nogal ongelijk verdeeld tussen stad en land, maar ook tussen de populaire binnensteden en buitenwijken. “Locatie, locatie, locatie” is niet voor niets een algemene makelaarswijsheid.

Maar in hoeverre doet locatie er toe? En is locatie ook belangrijker geworden?

(meer…)