• Spring naar de hoofdnavigatie
  • Door naar de hoofd inhoud
  • Spring naar de eerste sidebar
StukRoodVlees

Politicologie en actualiteit

  • OVER SRV
  • AUTEURS
  • CATEGORIEËN
  • ARCHIEF
  • CONTACT

Vindt dé kiezer Rutte’s Oekraïne-bijsluiter voldoende?

door Kristof Jacobs 16/12/2016 1 Reactie

Het was de dag van de waarheid voor Mark Rutte: de 27 andere Europese regeringsleiders gingen akkoord met zijn voorstel: een ‘juridisch bindende bijsluiter’ over het Oekraïne-akkoord. Alle (publieke) eisen van Rutte werden ingewilligd: de Oekraïne-bijsluiter heeft het onder meer over militaire samenwerking, EU-lidmaatschap, corruptiebestrijding en arbeidsmobiliteit.

Is het voldoende? In het bijzonder krijg ik de laatste tijd de volgende vraag vaak: sluit de Oekraïne-bijsluiter nu aan bij wat dé kiezer wil? Het antwoord dat ik op deze vraag geef, geeft media zelden voldoening.

En dat is logisch omdat het antwoord op de vraag niet een eenduidig ja of nee is. Vier elementen spelen een rol: de verwachtingen die geschept worden door een adviserend referendum, het gevoel dat de regering moet luisteren, de bonte coalitie van nee-stemmers en dat wat op de achtergrond speelt. Ik behandel ze hieronder één voor één.

Element 1. Het verwarrende adviserend referendum met een opkomstdrempel

We hebben er al vaker over geschreven: de Nederlandse Wet Raadgevend Referendum heeft een weeffout waarbij het om niet-bindende referenda gaat mét een opkomstdrempel.

In theorie heeft een regering (letterlijk) het recht om de uitslag naast zich neer te leggen.[1] Politiek gezien is dat sowieso lastiger, maar de opkomstdrempel maakt het nog lastiger een uitkomst simpelweg te negeren: als de drempel gehaald wordt (en het referendum geldig is), dan is het nog moeilijker om de uitslag naast je neer te leggen: de regering moet er ‘iets’ mee is het gevoel. De opkomstdrempel schept dus hogere verwachtingen.

Element 2. ‘De regering moet luisteren’

Op basis van het nationaal referendumonderzoek[2] zien we inderdaad dat een meerderheid van de kiezers vindt dat de regering ‘moet luisteren’. Zo’n 62% van de respondenten vindt dit. Zelfs bij de Ja-stemmers vindt een (nipte) meerderheid dit: zo’n 52%.

Maar wat betekent dat, luisteren? Een symbolische verklaring? Een substantiële bijsluiter? Het akkoord helemaal verwerpen? Uit de EU stappen?

‘Luisteren’ is immers een vaag begrip. Verschillende respondenten geven er dan ook een verschillende invulling aan en een substantieel deel van hen geeft helemaal geen toelichting en houdt het gewoon op ‘luisteren’.

Element 3. De bonte coalitie van nee-stemmers

Wanneer we bovendien kijken naar de stemmotieven van kiezers, zien we inderdaad dat mensen een vrij grote diversiteit aan redenen aangeven waarom ze zeggen te hebben tegengestemd.[3]

De directe democratie verschilt daarbij minder van de representatieve dan veel mensen denken. Na een verkiezing moet een meerderheid worden gevormd op basis van een coalitie (van kiezers/partijen). Ook bij het Oekraïne-referendum zag je dat een relatief bonte coalitie van kiezers zorgde voor een Nee-meerderheid, gaande van dierenrechten over EU-lidmaatschap tot een stem tegen de regering Rutte. Kiezers met verschillende stemmotieven geven ook aan verschillende verwachtingen te hebben ten aanzien wat men van de regering verlangt.

Drie voorbeelden over de drie meest vernoemde stemmotieven. Sommige kiezers zeggen Nee te hebben gestemd als een stem tegen de EU (zo’n 7.5% van de Nee-stemmers ofte zo’n 1.5% van het electoraat). Deze kiezers vinden vaak dat Nederland simpelweg uit de EU moet stappen.[4] Het lijkt erg onwaarschijnlijk dat deze kiezers overtuigd gaan zijn door de Oekraïne-bijsluiter.[5]

Andere kiezers gaven aan dat ze vreesden dat Oekraïne door het akkoord lid zou kunnen worden van de EU (zo’n 16% van de Nee-stemmers ofte zo’n 3% van het electoraat). Voor hen kan de bijsluiter mogelijk wel voldoende zijn.

Een grote groep Nee-stemmers gaf aan tegen het akkoord te hebben gestemd omdat men geen samenwerking wil met een corrupt land als Oekraïne (zo’n 34% van de Nee-stemmers ofte 6.5% van het electoraat). De Oekraïne-bijsluiter gaat hier op in en eist dat Oekraïne haar strijd tegen corruptie volhoudt (met een vrij forse straf wanneer hier niet wordt aanvoldaan). Het is lastig te zeggen of dit voldoende is voor deze groep Nee-stemmers. Mogelijk zijn ze er bijvoorbeeld van overtuigd dat Oekraïne niet te redden is.

Element 4. Dat wat op de achtergrond speelt

Tot slot nog deze belangrijke toevoeging: bij een deel van deze kiezers speelt op de achtergrond een breder gevoel van maatschappelijke onvrede en wantrouwen met Oekraïne. Deze kiezers kijken wellicht sowieso met enig argwaan naar de acties van de regering. De kans is klein dat deze groep kiezers nu wel tevreden zijn: zij zijn immers een moeilijk te overtuigen groep.

 

Conclusie: Niet dé kiezer, maar kiezers

Vele media haddenen hun oordeel al klaar over de Oekraïne-bijsluiter. Zo zegt De Volkskrant het volgende (over waarom D66 en CDA mogelijk niet akkoord zouden gaan in de Eerste Kamer): “Ze zouden daarmee ingaan tegen de wens van de meerderheid van het volk en dat is een electoraal risico.” Dit impliceert dat volgens de krant de meerderheid van de bevolking het verdrag wenst te verwerpen en dan is de bijsluiter van Rutte slechts symbolisch en niet voldoende. Dat is niet zeker.[6]

Deze interpretatie gaat immers uit van de mythe dat er zoiets bestaat als dé Nee-stemmer. Nee-stemmers gaven echter een vrij brede diversiteit aan redenen om nee te stemmen. Het is daarom waarschijnlijker dat sommige van hen tevreden zullen zijn, en sommige niet.

Ik verwacht overigens dat the battle of the frames (Nee = Nee, Geen cadeaus aan Poetin!,…) hier niet mee ophoudt. Kiezers leven niet in een vacuüm en media kunnen een belangrijke rol spelen. Het partijtje schaduwboksen over het Oekraïne-referendum blijft wellicht nog wel doorgaan tot na de Tweede Kamerverkiezingen.

 

[1] Ik doe hier overigens bewust geen uitspraak over de kwestie of het naast zich neerleggen van een uitkomst een goede of slechte zaak is.

[2] Achtergrond bij dat onderzoek vind je hier in de tweede paragraaf.

[3] Het gaat dan om antwoorden op de vraag: “wat was voor u de belangrijkste reden om tegen te stemmen?” Overigens: bij alle percentages geldt dat er een foutenmarge is.

[4] Het gaat om de vraag: “wat zou de regering volgens u moeten doen, wanneer een meerderheid van de stemmen bij het referendum ‘nee’ is?”

[5] Hetzelfde geldt voor de (zeer kleine) groep mensen die simpelweg tegen de regering Rutte waren (zo’n 3% van de Nee-stemmers). Zij willen gewoon dat Rutte opstapt.

[6] En bovendien stemde de D66-kiezer massaal voor!

 

 

Foto, door EU2016 NL, license (no changes were made).

Categorie: Uncategorized

Over de auteur

Kristof Jacobs
Universitair Hoofddocent aan de Radboud Universiteit. Doet onderzoek naar democratie, referenda, burgerberaden, verkiezingen & sociale media. NWO VIDI over 'boze burgers' en democratische innovaties. Belg in Nederland. Boardgamegeek.
  • Sociale media links 

Lees Interacties

Reacties

  1. Maria zegt

    30/12/2016 om 17:04

    Ik denk dat een belangrijke groep vergeten is, namelijk de groep die niet argumenteert, maar simpelweg denkt ‘ik vind dat omdat Geert dat ook vindt’. Argumenten worden eventueel later bijgeshopt door oneliners te kopieren.

    Login om te reageren

Geef een reactie Reactie annuleren

Je moet ingelogd zijn op om een reactie te plaatsen.

Primaire Sidebar

Volg ons

  • Facebook
  • Twitter
  • RSS Feed

Populaire berichten

De ideologie van Forum voor Democratie

De ongemakkelijke realiteit van de antivaccinatie-beweging

Wat als… Nederland het Britse kiesstelsel zou hebben?

Willekeurige berichten

Welke morele intuïties gaan er schuil achter de anti-immigratiestandpunten van PVV-kiezers?

Rutte: landsbelang boven kiezersbelang?

Worden slachtoffers van overstromingen meer bezorgd over klimaatverandering?

Podcast

Aflevering 138 – De verkiezingsuitslag, met Twan Huijsmans en Tom van der Meer

De Tweede Kamerverkiezingen zijn uitgelopen op een eclatante overwinning van D66 dat met maar liefst … [Lees verder...]

Aflevering 138 – Coalities, kiezers en winst en verlies, met Simon Otjes

Simon Otjes (Universiteit Leiden) schuift aan om te praten over de huidige stand van de campagne. We … [Lees verder...]

Aflevering 137 – De normalisering van extreemrechts gedachtegoed, met Léonie de Jonge

Extreemrechtse ideeën zijn de afgelopen jaren in hoog tempo genormaliseerd. Ik spreek met mijn gast … [Lees verder...]

Populisme

Jesse Frederik gaat te kort door de bocht: Waarom complexe maatschappelijke onvrede niet in één verklaring past

Vorige week verscheen op De Correspondent een stuk waarin Jesse Frederik mijn boek De Symfonie van … [Lees verder...]

Plaatjes van de electoraatjes 2025: de PVV

Op 29 oktober zijn er verkiezingen voor de Tweede Kamer. In deze serie gaan wij aan de hand van een … [Lees verder...]

Radicale onderdompeling: een theaterexperiment op Oerol

De Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) signaleerde begin deze week dat … [Lees verder...]

Blogroll

  • Andrew Gelman
  • Ballots & Bullets
  • Fight Entropy
  • FiveThirtyEight
  • The Monkey Cage
  • The Upshot
  • Wonkblog
  • OVER SRV
  • AUTEURS
  • CATEGORIEËN
  • ARCHIEF
  • CONTACT

© 2026 StukRoodVlees

Copyright © 2026 · SRV Theme op Genesis Framework · WordPress · Log in