• Spring naar de hoofdnavigatie
  • Door naar de hoofd inhoud
  • Spring naar de eerste sidebar
StukRoodVlees

Politicologie en actualiteit

  • OVER SRV
  • AUTEURS
  • CATEGORIEËN
  • ARCHIEF
  • CONTACT

Wat strategische kiezers moeten weten over slotpeilingen

door Tom Louwerse 27/10/2025

Veel kiezers hebben een aantal partijen waartussen ze twijfelen. In de uiteindelijke stemkeuze spelen soms ‘strategische redenen’ mee. Een strategische stem is een stem niet op een partij van de eerste voorkeur.  Bijvoorbeeld als je voorkeurspartij misschien de kiesdrempel niet haalt, of als je hoopt een bepaalde partij de grootste te maken en zo een gunstig uitgangspunt in de regeringsformatie. Voor dit soort keuzes zijn zetelpeilingen een belangrijke informatiebron en in het bijzonder de laatste peilingen voor de verkiezingen, de zogenoemde ‘slotpeiling’. Maar wie peilingen zo gebruikt, moet wel weten wat peilingen wel – en niet – zeggen.

1. Reken op een verrassing voor ten minste één partij

De laatste peilingen voor de verkiezingsdag geven over het algemeen best een redelijk beeld van de uitslag: 80% van de scores van partijen in peilingen verschilt maximaal 2 zetels van de uitslag. Maar er is ook altijd minimaal één verrassing. In de afgelopen zes verkiezingen (2006 t/m 2023) was er voor elke peiling minimaal één partij met 5 zetels verschil tussen slotpeiling en uitslag. In 2023 was dit bij alle bureaus de PVV. Die partij steeg sterk in de laatste peilingen, maar de uitslag was nog 8 tot 10 zetels hoger dan in de slotpeilingen. In 2021 deed D66 het duidelijk beter dan in de slotpeilingen, in 2012 en 2017 de VVD en in 2010 de PVV. Soms doet een partij het juist slechter, zoals de SP in 2012.

Noot: Deze figuur laat per jaar per bureau zien welke verschillen er waren tussen slotpeiling en uitslag. Dit zijn boxplots die laten zien hoe deze waarden verdeeld zijn: de balk omvat de helft van de waarden, de linkerstreep de onderste 25% waarden en de rechterstreep 25% van de waarden. Waarden die ver van de blauwe balk liggen, worden als punt weergegeven. Leesvoorbeeld: de Peilingwijzer in 2023 had voor (ruim) een kwart van de partijen 0 zetels verschil, en voor nog eens (bijna) de helft 1 zetel verschil. Voor drie partijen waren er grotere verschillen: 2 zetels (voor de PvdD), 4 (voor de VVD) en 10 (voor de PVV).

2. Sommige kiezers besluiten pas na de laatste peilingen

Een verschil tussen een slotpeiling en de uitslag wil niet per se zeggen dat de peiling niet klopte. Peilingen zijn immers momentopnames. Vaak worden slotpeilingen (vooral) gehouden op de maandag voor de verkiezingen. Daarmee krijg je dus een indicatie van kiezersvoorkeuren op die dag. Joop van Holsteyn en Galen Irwin lieten op basis van het Nationaal Kiezersonderzoek zien dat in 2023 15% van de kiezers pas op de verkiezingsdag hun keuze maakte, en nog eens 30 procent in de laatste dagen. Een groot deel van de kiezers besluit dus relatief laat, en deels dus ook nog na de laatste peilingen. En het moment van kiezen maakte in 2023 uit voor de partijkeuze, zo laten Van Holsteyn en Irwin zien: 30% van de laatste-dag-beslissers stemde PVV, ruim bovengemiddeld.

Bovendien kan strategisch stemgedrag met de peilingen in de hand juist leiden tot verschillen. Dan worden peilingen een self-denying prophecy, zoals Joop van Holsteyn en ook Peter Kanne eerder betoogden. Juist omdat mensen op basis van een peiling hun stemgedrag aanpassen, ontstaan er verschillen tussen slotpeiling en verkiezingsuitslag.

3. Peilingen kunnen de steun voor partijen over- of onderschatten

Naast late beslissers kunnen peilers de steun voor bepaalde partijen ook onderschatten of overschatten. In 2017 deden vijf bureaus een nameting waarbij ze de deelnemers aan de slotpeiling na de verkiezingen vroegen wat ze daadwerkelijk hadden gestemd. Zo konden ze beter zien of verschillen tussen de slotpeiling en uitslag kwam door late beslissers of door onder- of overschatting. De nameting liet zien dat, hoewel voor de VVD late beslissers ook een rol speelden, er ook sprake was van een onderschatting van die partij met gemiddeld 3,7 zetel en juist een overschatting van GroenLinks met gemiddeld 2,4 zetel. En aangezien die vertekeningen bij alle bureaus in meer of mindere mate te zien waren, was dat ook in de Peilingwijzer, een combinatie van de bureaus die destijds peilden, het geval.

Eén van de belangrijkste uitdagingen voor peilingbureaus is het werven van een goed samengesteld panel van deelnemers. Je moet een representatieve groep weten te benaderen, en die moeten ook mee willen werken aan het onderzoek. Als bepaalde groepen ondervertegenwoordigd zijn in een onderzoekspanel kan dat tot afwijkingen in de zetelpeilingen leiden. Uiteraard proberen bureaus dit soort afwijkingen zoveel mogelijk te voorkomen, maar dat lukt niet altijd. Ook correctiemechanismen, zoals het toepassen van weging, zijn nuttig, maar werken niet altijd afdoende om de vertekeningen geheel te verhelpen.

Of verschillen nu komen door late beslissers of door vertekeningen in de peilingen maakt voor de gebruiker misschien niet zo veel uit. Wie strategisch wil stemmen gebaseerd op (slot)peilingen houdt er beter rekening mee dat een duidelijk verschil tussen slotpeiling en verkiezingsuitslag voor minimaal één partij in de rede ligt. En voor andere gebruikers van peilingen, zoals journalisten, zou dit meer dan voldoende reden moeten zijn om de vuistregels van Tom van der Meer ter harte te nemen, en bewust met de rapportage van zetelpeilingen om te gaan.

Categorie: Kiezers en publieke opinie Tags: peilingen, slotpeilingen

Over de auteur

Tom Louwerse
Tom Louwerse is hoogleraar Politiek Gedrag en Onderzoeksmethoden aan de Universiteit Leiden. Zijn onderzoek richt zich op politieke representatie, parlementair gedrag, verkiezingen, peilingen en stemhulpen.
Website: https://www.tomlouwerse.nl/nl
  • Sociale media links 

Primaire Sidebar

Volg ons

  • Facebook
  • Twitter
  • RSS Feed

Populaire berichten

De ideologie van Forum voor Democratie

De ongemakkelijke realiteit van de antivaccinatie-beweging

Wat als… Nederland het Britse kiesstelsel zou hebben?

Willekeurige berichten

Voor of tegen buitenlandse partijfinanciering?

Foto: Vysotsky (Wikimedia)

Waarom opkomst notoir moeilijk te voorspellen is

De Stuk Rood Vlees Podcast, aflevering 7 (deel 2): Daniël Lakens over wetenschapsfinanciering in Nederland

Podcast

Aflevering 138 – De verkiezingsuitslag, met Twan Huijsmans en Tom van der Meer

De Tweede Kamerverkiezingen zijn uitgelopen op een eclatante overwinning van D66 dat met maar liefst … [Lees verder...]

Aflevering 138 – Coalities, kiezers en winst en verlies, met Simon Otjes

Simon Otjes (Universiteit Leiden) schuift aan om te praten over de huidige stand van de campagne. We … [Lees verder...]

Aflevering 137 – De normalisering van extreemrechts gedachtegoed, met Léonie de Jonge

Extreemrechtse ideeën zijn de afgelopen jaren in hoog tempo genormaliseerd. Ik spreek met mijn gast … [Lees verder...]

Populisme

Jesse Frederik gaat te kort door de bocht: Waarom complexe maatschappelijke onvrede niet in één verklaring past

Vorige week verscheen op De Correspondent een stuk waarin Jesse Frederik mijn boek De Symfonie van … [Lees verder...]

Plaatjes van de electoraatjes 2025: de PVV

Op 29 oktober zijn er verkiezingen voor de Tweede Kamer. In deze serie gaan wij aan de hand van een … [Lees verder...]

Radicale onderdompeling: een theaterexperiment op Oerol

De Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) signaleerde begin deze week dat … [Lees verder...]

Blogroll

  • Andrew Gelman
  • Ballots & Bullets
  • Fight Entropy
  • FiveThirtyEight
  • The Monkey Cage
  • The Upshot
  • Wonkblog
  • OVER SRV
  • AUTEURS
  • CATEGORIEËN
  • ARCHIEF
  • CONTACT

© 2026 StukRoodVlees

Copyright © 2026 · SRV Theme op Genesis Framework · WordPress · Log in